Spannend… ben ik echt wel welkom?
“Ik zag het eigenlijk niet zitten hoor, een fotograaf erbij,” zeggen de weduwe van Jaap en zijn dochter Anneke later tegen mij. “Maar toen we je vanmorgen buiten zagen staan, waren we allebei blij met de keuze. Bijna opgelucht zelfs.”
En eerlijk gezegd begrijp ik dat heel goed. Als je verdrietig bent, wil je toch geen camera op je gericht. Wat moet je je daar eigenlijk bij voorstellen?
Normaal gesproken stel ik mezelf vooraf aan de familie voor. Maar dit keer ging het anders. Het waren de broer Hans en schoonzus Tineke van de overledene die mijn naam noemden en het idee van een uitvaartfotograaf voorzichtig naar voren brachten. Zij werden mijn ambassadeurs.
Dat was niet eenvoudig. Ze liepen tegen een flinke muur van weerstand aan. Toch bleven ze rustig uitleggen waarom foto’s later zo waardevol kunnen zijn.
Dat ik fotografeer zonder flits. Zonder hinderlijk geklik.
Op afstand wanneer dat nodig is, en dichterbij als de situatie dat toelaat.
Een dag voor de uitvaart ging mijn telefoon.
“Gonnie, je mag komen fotograferen,” zei de schoonzus.
Ik was verrast. Eigenlijk was ik er al vanuit gegaan dat de familie toch had besloten geen fotograaf bij het afscheid te willen. Tegelijk voelde ik een duidelijke opluchting. Ik weet hoe waardevol beelden later kunnen zijn voor een familie.
De volgende ochtend was ik ruim op tijd bij de kerk waar de dienst zou plaatsvinden. Toch voelde ik spanning. Die eerste weerstand zat nog in mijn gedachten. Ik hoopte dat de familie uiteindelijk niet alleen had toegegeven aan het aandringen van Hans en Tineke, maar dat ze deze keuze echt zelf hadden gemaakt.
De uitvaartondernemer kwam binnen en vertelde dat de familie en de rouwauto onderweg waren. Ik maakte me klaar om het afscheid vast te leggen.
Maar mijn ongerustheid verdween vrijwel meteen toen dochter Anneke me begroette. Ze glimlachte en zei dat ze blij was om mij te zien.
Na de dienst verzamelde iedereen zich bij een lokale horecagelegenheid voor de condoleance.
“Gecondoleerd hè,” klonk het hier en daar, soms bijna opgewekt. Handen werden geschud, mensen praatten zacht met elkaar, hapjes gingen rond en glazen werden gevuld.
Voor mij zat het fotograferen er op. Ik nam afscheid van de familie.
Anneke gaf me een knuffel.
En op dat moment wist ik zeker:
ik was niet alleen welkom geweest — ik had met mijn aanwezigheid ook iets mogen toevoegen.